Swan Hellenic: Meer Routes en Duurzamere Operaties

Image

Nieuwe routes buiten de traditionele poolgebieden

Swan Hellenic richt zich steeds meer op afgelegen regio’s zoals West-Afrika en zet daarbij sterk in op duurzamere operaties. CEO Andrea Zito legt uit dat het ontwikkelen van nieuwe routes niet alleen cultureel waardevol is, maar ook noodzakelijk om te voorkomen dat schepen zonder gasten moeten worden verplaatst, wat hoge kosten met zich meebrengt.

Zito vergelijkt de vloot met trekvogels: de schepen moeten zich verplaatsen tussen noordelijke en zuidelijke poolgebieden, maar het doel is om 365 dagen per jaar succesvol te opereren. Moderne schepen kunnen niet leeg worden overgevaren vanwege de operationele kosten, waardoor nieuwe bestemmingen essentieel zijn.

West-Afrika als nieuwe expeditiebestemming

De rederij heeft toestemming gekregen om zeer afgelegen gebieden in West-Afrika te bezoeken, waaronder het Nationaal Park Banc d’Arguin in Mauritanië, dat Zito omschrijft als een paradijs voor vogelliefhebbers. Swan Hellenic bezoekt inmiddels vrijwel alle landen langs de West-Afrikaanse kust, waaronder Nigeria en Congo, in samenwerking met lokale toerismeministeries en regeringsleiders.

Zito benadrukt dat deze reizen een unieke culturele ervaring bieden. Het is een heel ander beeld van Afrika dan de klassieke safari’s: reizigers zien hoe 1,5 miljard mensen leven in omstandigheden die sterk verschillen van wat in veel landen als standaard wordt gezien, met beperkte toegang tot drinkwater, elektriciteit en verharde wegen.

Het opereren in zulke regio’s vraagt om uitgebreide planning, vooral op het gebied van logistiek en bevoorrading. De moderne schepen van Swan Hellenic helpen daarbij, omdat ze zijn ontworpen om alleen een minimale voetafdruk achter te laten, zowel in sneeuwgebieden als op zandstranden.

Duurzaamheid als kern van de operatie

Zito legt uit dat de expeditie-industrie de afgelopen decennia sterk is veranderd. Waar vroeger omgebouwde ijsbrekers en onderzoeksschepen werden gebruikt, varen nu speciaal gebouwde expeditieschepen met veel efficiëntere technologie. Nieuwe schepen verbruiken volgens hem 40 tot 50 procent minder brandstof dan oudere schepen.

Als maritiem ingenieur benadrukt hij dat efficiëntie de belangrijkste weg vooruit blijft, zeker omdat alternatieve brandstoffen moeilijk beschikbaar zijn in afgelegen gebieden. Grote technologische doorbraken verwacht hij voorlopig niet, maar motoren met lagere emissies en geavanceerde waterzuiveringsinstallaties zijn belangrijke stappen. Deze systemen maken het mogelijk om water te lozen dat bijna drinkbaar is, en afval wordt gerecycled in plaats van verbrand.

Volgens Zito is duurzaamheid voor gasten een doorslaggevende factor. Toekomstige reizigers vragen vooral hoe duurzaam een rederij opereert, en veel minder naar entertainment of culinaire voorzieningen aan boord.

Hij verwijst naar een initiatief in het Noordpoolgebied, waar het bedrijf vorig jaar 20 ton plastic afval verzamelde op afgelegen stranden. Dergelijke acties maken indruk op reizigers, omdat ze zien dat de expedities niet alleen draaien om bezoeken, maar ook om bijdragen aan natuurbehoud.

Emotionele waarde van expeditiecruises

Zito vindt dat de expeditiebranche de recente wereldwijde verstoringen goed heeft doorstaan door reizigers diepgaande ervaringen te bieden. Hij noemt het bereiken van ongerepte gebieden een emotionele belevenis, waarbij de overweldigende natuur mensen klein laat voelen.

Wel vindt hij dat de sector beter moet communiceren wat zij daadwerkelijk doet en hoe authentiek het product is. Hij benadrukt dat expeditiereizen vaak nog onterecht worden gezien als ‘gewoon een cruise’, terwijl de ervaring en impact veel verder gaan.